Film Fest Gent 2020

Het valt te voorspellen dat de 47e editie van het Gentse Filmfestival de minst feestelijke in jaren zal worden. Ondanks de coronamaatregelen, die met zich meebrengen dat de zalen slechts half gevuld mogen worden en alle recepties, gala's en feestelijkheden afgelast moeten worden, heeft de organisatie zich ten zeerste ingespannen om de essentie overeind te houden: de cinefiel een prachtig - en dit jaar heel beheersbaar - aanbod schenken van het beste dat de wereldcinema te bieden heeft. 

 

Met openingsfilm Drunk mag Thomas Vinterberg zich van zijn beste kant laten zien na een aantal minder sterke films. Pixarjuweeltje Soul ziet er alweer verrukkelijk uit en mag als slotfilm fungeren. 

 

De grootste kleppers vinden we als vanouds in de alweer bloedserieuze Internationale Competitie, waarin dertien veelbelovende prenten het tegen elkaar opnemen. L'Ennemi van Stephan Streker vertegenwoordigt ons eigen land, maar tracht ons wat te misleiden door enkele grote Vlaamse namen op de affiche te plaatsen die nauwelijks bijdragen aan het behoorlijk meeslepende drama. 

 

Muzikant Daan duikt bizar genoeg op als één van de hoofdrolspelers in het Hongaarse psychodrama Éden, slow cinema die aan Tarkovsky en Béla Tarr doet denken. Wil je die tijdsduur compenseren - fervente festivalgangers durven hun keuzes al eens laten afhangen van de duur van een film - , zowel het Slovaakse Servants, de Franse documentaire Petite Fille als het Sloveense Stories from the Chestnut Woods klokken af op minder dan anderhalf uur tijd. 

 

Eveens Frans: het familiedrama ADN van actrice en cineaste Maïwenn (Polisse, Mon Roi), dat zijn première in Cannes miste door corona, en Gagarine, een sociaal drama dat volgens de festivalgids Spielberg-escapisme en Loach-realisme vermengt. Klinkt aantrekkelijk!

 

Vitaline Varela is dan weer een eigenzinnig, visueel betoverend drama uit Portugal, terwijl het het Brits-Canadese The Nest (van Martha Marcy May Marlene-regisseur Sean Durkin), Jude Law's obsessie voor status en rijkdom bekijkt. 

 

Ook de VS speelt mee: Nomadland van Chloé Zhao, met Frances McDormand, wordt een Oscarkandidaat genoemd, terwijl First Cow en Kajillionaire van respectievelijk Kelly Reichardt en Miranda July op aandacht zullen kunnen rekenen van cinefielen die het eerdere werk van deze dames in Gent ontdekten: zowel Wendy and Lucy en Meek's Cutoff van Reichardt en het heerlijke Me and You and Everyone We Know van July, fleurden eerdere edities van het Gentse filmfeest op.

 

Juist, de VS vaardigt dus drie vrouwen af. Ze zijn niet alleen. De competitie laat ons kennis maken met 14 regisseurs, waarvan de helft vrouwen. Dat staat mooi in de persmap, maar we hopen toch vooral vast te stellen dat de keuzes gemaakt zijn op basis van de kwaliteiten van de film en niet op basis van gender. Het Turkse Ghosts, waarmee Azra Deniz Okyay debuteert, doet echter alvast het beste vermoeden. 

 

Buiten de competitie vinden we dan weer een prachtige variatie aan genres en verhalen. Welk moois uit eigen land staat op het programma? Het gezin van Filip Peeters en An Miller reconstrueerde op de planken een schokkend gezinsdrama, dat door theatermaker Milo Rau opgenomen werd als film. Familie belooft heel wat anders te zijn dan de gelijknamige soap. Je ne suis pas un héros is dan weer een emotionele documentaire waarin we drie weken lang de coronacrisis volgen in het Brusselse Erasmusziekenhuis. Het krachtige Kom hier dat ik u kus - een Nederlands-Belgische productie - toont dat de romans van Griet Op de Beeck wel prima te verfilmen zijn. Vergeet Vele Hemels dus, als dat al niet het geval was. 

 

Focus on German Cinema

 

De focus ligt dit jaar echter op de Duitse cinema. De affiche toont ons een dubbelportret van filmicoon Romy Schneider en de Duitse acteur August Diehl, waarmee tegelijk ook de aandacht voor gender en diversiteit op dit festival in de verf wordt gezet. Vertegenwoordigers van de Berliner Schule en Duitse klassiekers uit de countercinema (waaronder uiteraard werk van Herzog, Wenders, Fassbinder en Schlöndorff) vormen een indrukwekkende lijst van niet altijd even comfortabele films die je helemaal onderdompelen in de filmcultuur van onze oosterburen. 

 

Ook aan grote namen geen tekort: Kate Winslet en Saoirse Ronan dragen Ammonite van God's Own Country-regisseur Francis Lee, Viggo Mortensen komt hoogstpersoonlijk zijn regiedebuut Falling voorstellen, Sigourney Weaver krijgt nog eens een deftige rol in My Salinger Year en Kristin Scott Thomas speelt de hoofrol in het niet bepaald interessant lijkende The Singing Club (aka Military Wives).

Julianne Moore en Alicia Vikander spelen The Glorias, Willem Dafoe zinkt in Siberia weg in hallucinaties en fantasieën en Jérémie Renier is naast L'Ennemi, ook te zien in Slalom. Ben Whishaw, altijd interessant, speelt de hoofdrol in het intense Surge en Rosamund Pike is in optima forma in de satire I Care a Lot.

 

Naast de diverse kortfilmcompetitie - die we hier naderbij bekijken - , is er als vanouds ook plaats voor muziek- en filmdocumentaires. Onder meer Stanley Kubrick (Kubrick by Kubrick), Billie Holiday (Billie), componist Jóhann Jóhannsson (Last and First Men), architect Alvar Aalto (Aalto), filmpionier Alice Guy-Blanché (Be Natural), Bruce Lee (Be Water) en couturier Pierre Cardin (House of Cardin) vormen het onderwerp van een film. 

 

Waar kijken we verder nog naar uit? Zombies in Peninsula, de sequel op het heerlijk entertainende Train to Busan; Wendy van Beasts of the Southern Wild-cineast Benh Zeitlin, het Zuid-Afrikaanse Moffie van Oliver Hermanus (Skoonheid) en The Woman Who Ran van Hong Sang-soo. We vragen ons ook af of Eliza Hittman ons met Never Rarely Sometimes Always na Beach Rats wel kan overtuigen en ook Quentin Dupieux neemt ons nog een keer mee in zijn vermoeiende universum. In Mandibules duiken zowel Roméo Elvis als een reusachtige vlieg op. Klinkt alweer geweldig maar we verwachten vooral niets meer van deze gesjeesde filmmaker. 

 

Referenties zijn echter niet altijd nodig. Ook zonder een cineast met faam worden we geprikkeld, door de verhalen de settings, de eerste beelden. Wat te denken van het beenharde oorlogsdagboek For Sama, het indringende portret van het Iraans regime There Is No Evil (winnaar van de Gouden Beer in Berlijn) of het Zuid-Koreaanse Dust and Ashes, dat de sociale onrechtvaardigheid van zijn land analyseert? 

 

Ontdek vooral, zoals altijd, zelf wat de wereldcinema allemaal te bieden heeft. Tien dagen lang van het ene meeslepende verhaal naar het andere. Het volledige aanbod en tickets vind je hier