Beach Rats

Genre: Drama | Duur: 1u38 | 2017 | Release: 1 Januari 2018 | Land: VS | Regie: Eliza Hittman | Cast: Harris Dickinson

Het is aangenamer om over goeie films te praten, maar soms kan het niet anders. Het moet van Mamma Mia! in 2008 in geleden zijn dat we kwaad de zaal uit stormden.

Tijdens een warme zomer in Brooklyn volgen we een jonge kerel met een onmogelijk lichaam (waar vast meer werk aan is dan die vreemde spelletjes squash spelen). Het is ook de zomer waarin hij zich niet out. En dat is een beetje raar. Want Frankie heeft seks met mannen. Dat gebeurt in de bosjes en zonder kussen maar wel eerst met hard wrijven over elkaars jeans. Verder heeft hij geen interesse in vrouwen, tenzij onder heteronormatieve groepsdruk: wanneer een jonge vrouw interesse in Frankie toont, gaat hij daarin mee. Zijn eigen toenadering naar haar gaat echter veel verder dan waar de normatieve hetero’s zich bevinden. Frankie forceert interesse en een seksuele toenadering, tot zelfs een relatie toe. Wanneer zij voelt dat er iets niet klopt (what gave him away - die seksuele disfunctie, die afstandelijkheid, dat loosgaan op dat feestje?), zoekt hij andermaal redenen om haar ongelijk te geven.

De vraag is dus: waarom?

Dat is enerzijds een vraag op het niveau van het scenario. Wat zijn de beweegredenen van dit personage? Waar ligt zijn verlangen en waar is de versplinterdheid daarin? Wat is zijn conflict dat hem van de ene zijde (dingen met mannen) naar de andere (dingen met vrouwen) slingert? Op beide kanten van de wip blijven we op onze honger zitten. Vanwaar Frankies onmogelijkheid om een warme intimiteit te hebben met mannen? Heeft het iets te maken met zijn zieke vader? We hebben er het raden naar.

 

Aan de andere zijde: vanwaar Frankies aanhoudende pogingen naar de jonge vrouw toe? Heeft het alles te maken met zijn heteronormatieve omgeving? Dat zouden we nog snappen, mochten de vrienden van Frankie, zelf een gevoelige en intelligente kerel, geen ontzettend oninteressante patsers zijn die niet veel meer zeggen dan “yow man”, hun neus ophalen en tekenen van een mentale achterstand vertonen. Op geen enkel moment voelen we een band tussen Frankie en zijn maten.

Een mogelijke lezing van de film is dat de outing nog steeds een problematisch moment is, zelfs in de meest liberale metropool van de wereld. Op zich een mooi idee, want elke outing is een zwaar moment, ondanks een warme thuis of een ruimdenkende stad. Echter, de film legt amper gewicht in deze schaal. We krijgen immers geen duidelijk beeld van Frankies verhouding tot zijn directe omgeving (we zien enkel een warme verhouding met zijn moeder) en tot de liberale waarden in zijn stad (één keer zien we hem naar een homokoppel staren). De problematiek van het uit de kast komen verdient een urgenter uitziende strijd dan dit.

Anderzijds valt de vraag naar Frankies onvermogen om uit de kast te komen, op het niveau van de heteronormativiteit van het publiek te stellen. Net omdat narratieve momenten ontbreken die Frankies specifieke context aangeven, blijven we over met het idee van homoseksualiteit als probleem an sich. Want hoe graag moet Frankie niet hetero willen zijn, als hij zich niet out?

In de jaren 90 was de coming-out hét thema onder de homofilms, vaak dappere films die reële coming-outs ondersteunden en mee gezicht gaven aan de strijd die elke (openlijke) homo ooit moet leveren. Het bleek een cultureel signaal dat de filmhomo in het nieuwe millennium ook wel andere conflicten aankon – daarin was Weekend een mijlpaal.

Dergelijke outing-films bestaan echter nog steeds – kijk maar naar het fenomenale Moonlight of God’s Own Country. Het verschil is dat die films een heel duidelijk milieu of personage schetsen waarin de onderdrukking voelbaar is en centraal staat. Het zijn spannende films waarbij het conflict de (zelf)aanvaarding van zijn protagonist is. We worden van de ene kant naar de andere kant gezwierd, van onderdrukking tot liefde en opwinding en terug, zodat het conflict binnen de film duidelijk wordt. (Wie trouwens het debat over de homo als slachtoffer van zijn geaardheid in film op een gevatte en verhitte manier wil lezen, kan Brett Easton Ellis’ artikel over Moonlight versus King Cobra hier checken.) 

Een onuitgediept narratief vol ouderwetse coming-out clichés

Beach Rats spreidt alle clichés van de ouderwetse coming-out-film echter tentoon, zonder een vorm van dergelijke specificiteit. We zien de ‘vieze ouwe homo’ met de droeve groeven in het gezicht (vast van decennialang takken tegen het gezicht te krijgen in de bosjes), de zachte, naïeve homo die geen misleidende situatie kan inschatten, de verdoken-homo die de open-homo aanvalt om daar achteraf spijt van te hebben. Veel meer dan lelijke randpersonages en tenenkrullende momenten zijn er niet in deze trendy en hip uitziende ouboullige film. Dan nog liever oud krantenpapier dan dure cadeauverpakking voor een vergiftigd geschenk.

Homo’s moeten uiteraard niet altijd de held zijn (liefst niet zelfs), moeten niet altijd een happy end hebben, of de eigenschap van zelfaanvaarding belichamen (check bijvoorbeeld het geniaal gruwelijke Skoonheid), maar dan hebben we wel wat meer nodig dan wat Beach Rats geeft. Een opvallende film in de nieuwe generatie van gay films, en dat bedoelen we niet als een compliment.

Bert Lesaffer Helemaal (niet) akkoord? Lees de

Let op: wanneer u verder gaat zit de kans er dik in dat het einde van de film verklapt wordt met alle gevolgen voor uw filmervaring vandien.

ik wil mijn pret bedorven zien

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het hoofdpersonage out zich niet.