Entre-deux
rating

Duur: 18 min. | Land: | Regie: Oan Moonens | Cast: , | Scenarist: | Filmschool: St Lukas

Het openbaar vervoer is een beetje de wachtkamer van het dagelijkse leven. Klinkt wollig, maar er schuilt wel een grote waarheid in. Als tussenplek tussen startpunt en bestemming is het een soort niemandslandsland waar weinig gezegd of gedaan kan worden. En toch schuilt er veel persoonlijkheid in zo’n reis.

Oan Moonens focust in haar kortfilm ‘Entre-deux’ op twee pubers die het openbaar vervoer nemen en ondertussen praten over heel veel, en tegelijk vooral erg weinig. Terwijl ze wachten op iemand die niet komt opdagen hebben ze het over zakjes chips, dronken avonden, vrienden, en over wat er langs het busraam passeert.

De camera volgt het tweetal in cinéma vérité-stijl: lange lenzen maken vanop grote afstand intieme close-ups, net zoals je op de bus ook vaak in de persoonlijke ruimte van een onbekende medereizger wordt geduwd. Inhoud en stijl lijken af en toe wel een uitloper van het werk van Moonens' klasgenoot Joy Maurits, met ‘hier.’.

De dialogen voelen erg natuurlijk aan, mede door de banale nonsens waarmee ze hun trip aan elkaar knopen. Ruim vijf minuten lang hebben ze het over een zakje chips, terwijl beide tieners niet echt geïnteresseerd lijken in dat onderwerp. Toch blijft het gesprek voortkabbelen, al is het maar om geen stilte te laten vallen. Als de één zijn gsm bovenhaalt, doet de ander, als in een automatische reflex, hetzelfde. Herkenbaarheid troef.

In dit soort naturalistisch portret van twee jongens onderweg heb je weinig narratief nodig om de film voort te stuwen. Tijdens het laatste kwart van de film verdwijnen beide kerels uit beeld. Zijn ze afgestapt? Hebben ze uiteindelijk de juiste weg gevonden? We komen het niet te weten.

Moonens zoekt een ander perspectief op, bijna letterlijk schuimt de camera andere tramreizigers af op zoek naar een nieuw verhaal. Als kijker blijf je daarom misschien wat ontredderd achter, alsof de jongens ons zonder verklaring op de bus hebben laten zitten. Maar misschien is dat net ook het hele punt.

Tom Cuypers
 
Meander
rating

Duur: 20 min. | Land: | Regie: Dayo Clinckspoor | Cast: , , , | Scenarist: , | Producent: | Filmschool: St Lukas

In de visueel knappe kortfilm ‘Meander’ toont Dayo Clinckspoor ons de vader van een Vlaams gezin die worstelt met het verlies van zijn vrouw. Terwijl zijn twee kinderen vertellen over hoe ze hun mama nog steeds voelen, in de rivier of in hun dromen, lijkt de man alle connectie te zijn kwijtgeraakt. Bovendien heeft zijn gsm hetzelfde probleem, waardoor het maar niet lukt om ervoor te zorgen dat iemand het lichaam komt weghalen.

Het verdriet wordt op sobere en krachtige wijze in beeld gebracht. Enerzijds toont de film het hartverscheurende verlangen dat ermee gepaard gaat: de vader ruikt wanhopig aan de kleren van zijn overleden vrouw, in een poging haar terug te vinden in de emotionele kracht die in geur verstopt zit. Anderzijds komt ook de isolerende werking van het verdriet aan bod; enkel wanneer ze alleen zijn, tonen de personages hun verdriet. In de eerste scène al huilt de vader luidop, maar dat gebeurt eenzaam en verloren in het duister.

Clinckspoor plaatst zijn intieme verhaal in de Franse bergen, waar het gezin omringd wordt door de sublieme natuur. De bruisende levenskracht die zich daar schuilhoudt, komt via enkele tarkovskiaanse shots – het stromende water, de textuur van het groen, de energie van het vuur – uitgebreid in beeld, en vormt een mooi contrast met het levenloze lichaam van de moeder. Het is dan ook op die plekken, waar het leven gewoon verdergaat en elk einde een nieuw begin vormt, dat de familie troost vindt.

Dat cyclische aspect zit ook in de opbouw van de film, die eenn volledige dag bestrijkt. Het verhaal begint voor zonsopgang, bij het koude lichtje van een gsm, en bereikt op het tempo van het kabbelende riviertje haar climax in de vorm van een groot zuiverend vuur dat de vader warm houdt wanneer de zon weer ondergaat.

Zonder weg te zakken in goedkoop drama levert Clinckspoor zo een sfeervolle kortfilm af die erin slaagt om warmte te bieden bij het afscheid nemen.

Tom Cuypers
 
KASK-film 'Sun Dog' geselecteerd voor het Internationaal Film Festival Rotterdam!

Nieuws
De afstudeerfilm van Dorian Jespers maakt er kans op één van de drie Tiger Awards.

 

Niels Putman

 
Go Short 2020 maakt haar focus bekend!

Nieuws
Het belangrijkste Nederlandse kortfilmfestival is sinds enkele jaren Oscar-, BAFTA- en European Film Award-qualifying.

 

Niels Putman

 
Kids
rating

Duur: 09 min. | Land: | Regie: Michael Frei | Scenarist: , | Productiehuis:

In de korte animatiefilm ‘Kids’ lopen honderden eenvoudige en uniforme zwart-wit figuurtjes over het scherm. Elk poppetje verdwijnt moeiteloos in de menigte, waarmee filmmaker Michael Frei en game designer Mario von Rickenbach zich vragen stellen over de verhouding tussen groepsdynamiek en individualisme.

Zo zien we op verschillende momenten hoe de actie van één figuurtje de volledige groep beïnvloedt. Wanneer aan de ene kant van de onoverzichtelijke massa een duw wordt gegeven, valt er aan de andere zijde iemand in een groot zwart gat. Wie is er dan schuldig? Wie bestuurt precies de menigte?

In ‘Kids’ stuwt geen echt verhaal de zaak vooruit, wel allerlei bespiegelingen over het collectief en de enkeling. Wanneer enkele figuurtjes ter aarde worden geworpen, is het verleidelijk om in die korte scènes existentialistische symbolen te herkennen. Instinctief zoeken de mannetjes sociaal contact: ze vormen groepen die elkaars gedrag kopiëren, wat tot desastreuze gevolgen leidt. Op het einde storten ze zich allemaal als lemmingen de afgrond in. Is dat simpel kuddegedrag of het resultaat van onbeheersbare invloeden aan de overzijde van de bende?

Die invloeden, zo zien we ook steeds opnieuw, worden vaak door één iemand in gang gezet – het principe van een zwerm vogels, of een school vissen. De zoektocht naar individualiteit in een omgeving waarin iedereen gelijk is, vormt in 'Kids' de voornaamste rode draad. Door hun gelijkgaardige vorm en kleur wordt een tegenstrijdige actie de enige manier om je als individu te definiëren. Ook als dat met geweld gepaard moet gaan.

Het voelt allemaal nogal abstract aan, maar dat ‘Kids’ in eerste instantie ook een videogame is, verklaart heel wat. Die individualistische controle komt als spelvorm ongetwijfeld op een nog sterkere manier tot uiting.

Tom Cuypers
 
Belgian Blue
rating

Duur: 18 min. | Land: | Regie: Yasmine Versteele | Filmschool: RITCS

Al te vaak worden de runderen uitsluitend benaderd als nutsdieren die de mensheid voorzien van vlees. Met ‘Belgian Bleu’ brengt Yasmine Versteele impact van de geïndustrialiseerde vleesproductie en -consumptie op het welzijn en het leven van koeien in beeld. In haar atypische documentaire en RITCS-afstudeerfilm onderzoekt de jonge regisseur wat de actuele plaats is van koeien in de door de mens georganiseerde samenleving.

De camera observeert zeer statisch de organisatie van koeien in de stal, per vier achter stevig traliewerk. Sporadisch kijkt een koe knal in de lens en spreekt zo de toeschouwer rechtstreeks aan. We zijn ook getuige van de bloederige geboorte van een kalf, waarbij de koe gelaten en haast stoïcijns haar kind uit zich laat trekken door een stel zwoegende boeren. Steevast kijkt de kersverse moeder in de lens. De toon is duidelijk gezet.

Naast esthetisch genot  levert Versteele ook een actueel en relevant ethisch vraagstuk.

Versteele is uit op een kritische audiovisuele observatie die uitnodigt tot antropomorfisme, of zelfs empathie. Via wijde shots legt ‘Belgian Blue’ een dubbele moraal bloot: gezelschapsdier versus nutsdier. Waarom vindt de mens wel empathie voor katten, honden en paarden, maar is die liefde minder vanzelfsprekend voor een koe? Er hangt ook een waas van (al dan niet naïeve) objectiviteit over de film. Het trage tempo van de film en de piekfijne beelden zorgen voor reflectie over de legitimiteit en willekeur van de hiërarchische relatie tussen mens en dier.

De machinale en weinig ontziende vleesindustrie wordt kritisch gefileerd zonder dat de film gebruik maakt van oordelende pancartes, voice-overs of muziek. Versteele bijt zich vast in het perspectief van het rund. Ook het sound design wordt door die radicale visie gedicteerd; de mensen zijn nevenpersonages en worden in de geluidsband geminimaliseerd. De focus ligt onherroepelijk op de gevoelswereld van de geportretteerde koe.

Brandend actueel dus ook; de noodzakelijkheid van de industriële vleesproductie en -consumptie de dag van vandaag staat immers op z’n zachtst gezegd op losse schroeven. Versteele laat met haar consequente visie dan ook weinig aan het toeval over: naast esthetisch genot, levert ze met ‘Belgian Blue’ een actueel en relevant ethisch vraagstuk.

Jannes Callens
 
#YouToo
rating

Duur: 15 min. | Land: | Regie: Björn Pinxten, Jenne Decleir | Cast: , , , , , , , | Scenarist: , | Producent: ,

De leukste minuut van '#YouToo' is de allereerste. Met coole graphics en extra animatie-effecten introduceert een fluisterende zangstem personages als ‘Adonis’, ‘Batser’ of ‘Bling’. Ze zijn allemaal gewond en zijn ergens panisch voor op de vlucht. Toffe start! Daarna ontploft deze would-be horrorkomedie, maar helaas niet in de goede zin van het woord.

Was het toen we doorhadden dat de titel en al helemaal de hashtag daarin, totaal niks te maken hebben met wat op het scherm gebeurt? Toen we zagen hoe werkelijk elk personage van een fout verkleedfeestje leek te komen? Toen binnen de vijf minuten de helft van die cast het loodje al bleek te leggen?

'#YouToo' knalt langs alle kanten, maar echt grappig, griezelig of zelfs maar spannend wordt het niet. Voor de kijkers in de zaal dan toch, de makers hadden op de set ongetwijfeld heel wat meer plezier.

Toegegeven, enkele visuele grappen hier en daar maken dit lege beestje nog best kijkbaar. Alle lof ook om dergelijke absurde nonsens op het scherm te krijgen, maar warm krijg je het hier toch niet van.

Jan Sulmont
 
Holiday
rating

Duur: 23 min. | Land: | Regie: Michiel Dhont | Cast: , , , , , , , , , | Scenarist: | Producent:

Een dik jaar geleden bracht Kortfilm.be het interview ‘Wint Michiel Dhont straks een Ensor?’. De vraag stellen was ze meteen ook beantwoorden: ja hoor. Zo werd Dhonts KASK-masterfilm ‘Poor Kids’ de beste Belgische kortfilm van 2018, waar hij eerder ook al een Wildcard van het VAF mee won. In november 2019 al pakt de vijfentwintigste editie van het Internationaal Kortfilmfestival Leuven op haar openingsavond uit met Dhonts eerste professionele kortfilm: ‘Holiday’.

De broer van ‘Girl’-regisseur Lukas castte beider Dhonts favoriete acteur Tijmen Govaerts, samen met topspelers als ‘spitsbroer’ Oscar Willems, Jan Hammenecker en Sofie Decleir. Zij vormen met onder meer nog Circé Lethem en Ina Geerts een familie die enkele dagen op weekend trekt, de ene met al meer goesting dan de andere.

Door en langs elkaar heen pratende of roepende bloedverwanten: we kennen het opzet ook van Xavier Dolans schreeuwlelijke ‘Juste la fin du monde’, waarin mondiale topacteurs van dat uitgangspunt een zootje maken. Boe voor Léa Seydoux, Gaspard Ulliel, Vincent Cassell, Marion Cotillard en – meest karikaturaal van al – Nathalie Baye. Of eigenlijk boe voor Dolan, die lawaai vaak verwart met intensiteit.

Michiel Dhont blijkt een acteursregisseur die met zijn nooit saaie subtiliteit nog gensters kan slaan.

Geen boe maar hoera voor Michiel Dhont, die met kleine observaties veel vertelt. Tegelijk vervalt hij ook niet in een traag aanslepend spel van blikken – deze familie heeft elkaar genoeg te zeggen. Al spreekt de weer eens uitblinkende Tijmen Govaerts nog het minst, zijn dubieuze interventies zetten de ‘Holiday’ wel stevig op zijn kop.

De camera – veilig in handen van opkomend talent Esmoreit Lutters die eerder ook al de zon in Kato De Boeck’s ‘Provence’ zo schoon capteerde – blijft vaak dicht bij Govaerts’ twijfelkop hangen, tot we weer uitzoomen naar het gezelschap waar hij niet om had gevraagd. Monteur David Verdurme zet ondertussen een stevige knip in de vele door elkaar lopende dialogen; de jump cut-stijl werkt hier zeer to-the-point.

Dit is zo’n korte film die gerust wat langer mocht – u leest het ons niet al te vaak schrijven. De personages die wat meer ruimte krijgen, intrigeren ten zeerste. Onder Sofie Decleirs luidkeelse lachjes voel je een emotionele vulkaan, met Hammenecker weet je allerminst waar je aan toe bent. Michiel Dhont blijkt een acteursregisseur die met zijn nooit saaie subtiliteit nog gensters kan slaan. Ook al is subtiel nu niet het juiste woord voor de eindscène, die de oma van het gezelschap met wijde ogen gadeslaat. Een atypisch eind voor een dijk van een korte film.

Jan Sulmont
 
You can become anything
rating

Duur: 18 min. | Land: | Regie: Simon Cools | Cast: , , | Scenarist: | Producent: , | Filmschool: St Lukas

Enkele jongvolwassenen staan radeloos aan het begin van (de rest van) hun leven. Net afgestudeerd, op zoek naar een eerste job, wachten ze op iets dat er al moest geweest zijn, maar – en dit vertelt men u niet – misschien wel nooit komt. Een relaas over de vertwijfeling die gepaard gaat met volwassen en onafhankelijk worden.

You can become anything’ ent zich op dat gevoel dat je tussen de jaren inzit: alles gaat aan je voorbij, terwijl het evengoed allemaal nog moet beginnen. Je bent te oud om nog met alles weg te komen, maar tegelijkertijd te jong om rekenschap te geven aan al wat je overkomt.

Simon Cools – die eerder ‘Le son d’une cigale’ maakte – wil al dat gefilosofeer in beelden vervatten, en verankert daarvoor zijn verhaal in San Sebastián, dé Spaanse stad waar menig Erasmusstudent omwille van uitstelgedrag, amoureuze of meteorologische waaroms blijft hangen.

Verschillende personages proberen met elkaar af te spreken maar slagen daar meer niet dan wel in. Ook al zijn we meer dan ooit constant met elkaar verbonden, we zijn elkaar ook meer dan ooit kwijt. Die ironie van virtuele verbondenheid verkleurde naast de voorbije decennia, ook deze film: met zijn vierkante aspect ratio en rozige tinten, is de invloed van sociale media niet louter inhoudelijk maar ook vormelijk aanwezig. ‘You can become anything’ is in dat opzicht een voldragen kind van zijn tijd.

De verlaten mood van het leven van de hoofdpersonages is ook voelbaar in de sfeervolle cinematografie. Daardoor is de film ook wat hij toont. Als toeschouwer is het dan ook moeilijk om zelf echt op te gaan in de personages die je voorgeschoteld worden, wat je tot de onterechte conclusie kan leiden dat het grote scherm, net zoals die kleine in onze jaszakken, meer voor afstand dan ware verbinding zorgt.

Cools brengt met zijn film misschien weinig nieuws, maar last zich wel in als een mooie pauze voor onze dagelijkse rush om uit alles meer te halen, en om allemaal meer te willen zijn. De boodschap die Cools ons in de titel al meegeeft, is er één die we niet genoeg kunnen horen want… Can you become anything? Misschien. Wie weet. Maar als je al weet te slagen in "you do you" dan is dat al meer dan genoeg. (Voor nu.)

Bo Alfaro Decreton

Pagina's

Subscribe to Kortfilm.be & Kutfilm.be RSS