Midnight Jazz
rating

Duur: 21 min. | Land: | Regie: Jules Mathôt | Cast: , | Scenarist: | Producent: | Filmschool: KASK

Een eenzaat met een diepe en doorrookte stem kondigt een duistere nacht vol jazz en conversaties aan vanuit z’n geïmproviseerde radiostudio in een desolaat landelijk huisje. Hij steekt een sigaret aan en trekt ostentatief de rook naar binnen. Het verbrandingsproces knettert bovenop de tonen van de eerste jazzplaat van de nacht, terwijl alles baadt in een dieprood licht dat contrasteert met de gitzwarte duisternis die hem haast volledig omzwermt.

Het lijkt wel een hedendaagse ode aan de chiaroscuro van Caravaggio en adepten. Nog meer dan een visuele ode aan de befaamde Italiaanse barokschilder is ‘Midnight Jazz’ een moderne film noir, waarin de zwart-witesthetiek wordt ingeruild voor intense en verzadigde kleurgordijnen.

De radiopresentator verdrinkt haast in de melancholie die rond zijn persoon danst. Het lijkt erop dat Nederlands filmmaker Jules Mathôt bijzonder gecharmeerd is door de stiel en het voortbestaan ervan op de helling ziet staan. Deze presentator in kwestie blijft echter onbevreesd jazztonen de ether insturen, slechts onderbroken door obligaat aandoende conversaties met luisteraars. De radioman en zijn sigaret. De rook danst op het ritme van de jazzplaat, tot een mysterieuze jongeman vanuit de kille donkerblauw overgoten nacht de cocon der melancholie betreedt en verstoort.

Deze fundamenteel visuele manier van vertellen schept een sfeer die mysterie omarmt en weinig onthulling verdraagt.

Mathôt leent beproefde recepten uit de film noir — denk maar aan de befaamde overvloeier bij beeldovergangen — maar de visuele stijl van deze Nederlandse KASK-student is radicaler. Hij hanteert een consequente kleurdichotomie (rood-blauw) die gelinkt is aan ruimteperceptie; zo onderzoekt ‘Midnight Jazz’ hoe kleur een bepalende rol kan spelen in het construeren van plaatsen — een spitsvondige en economische maar vooral suggestieve manier om filmisch te creëren. Er is geen plafond noch vloer, enkel kleur/licht in de allesomvattende duisternis. De kijker wordt zo uitgenodigd om na te denken.

Deze fundamenteel visuele manier van vertellen schept een sfeer die mysterie omarmt en weinig onthulling verdraagt. Hoewel Mathôt vooral gevoelsmatig verbeeldt, blijft het inhoudelijk relatief vlak. Ook de vele travel shots worden redundant en doen uiteindelijk afbreuk aan de sfeer die eerder zo mooi en teder werd geschapen.

Uiteindelijk blijft ‘Midnight Jazz’ te ver weg van het unheimliche en de vervreemdende desillusie die je van je sokken blaast, terwijl de visuele stijl dat haast uitschreeuwt. Een verdienste of gemiste kans?

KASK-student Jules Mathôt bewijst in ieder geval zonder meer zijn unieke stem in het kortfilmlandschap met een prent die enkele essentieel geachte filmische parameters de rug toekeert en zo de filmische creatie een nieuwe suggestieve kracht toedicht.

Jannes Callens
 
Eden
rating

Duur: 40 min. | Land: | Regie: Jeroen Broeckx | Scenarist: | Producent: , , | Productiehuis:

"Dat is normaal wel den boom die tot tegen het plafond komt, en het meeste plaats inpakt,” verklaart een jonge vader zijn kerstboomkeuze. Hoe groter hoe liever, en het contrast met de oudere buren enkele huizen verder kan niet duidelijker zijn. Bij die vrouw des huizes klinkt het eerder van: “Als wij de lotto winnen, dan moeten wij geen chique villa of een dure auto. Gewoon eens gaan eten met de familie, dat is al goed.” “Simpel,” beaamt ook haar echtgenoot. Een generatieverschil in levensvisie en mentaliteit – YOLO vs. bescheiden en karigheid — sijpelt subtiel doorheen ‘Eden’, de middellange docu van Jeroen Broeckx.

Hoe koopbaar is geluk, en is gewoon nog goed genoeg?

De hoofdrol van deze verstilde docu is weggelegd voor de Antwerpse wijk Eden in Wilrijk, en zijn/haar/hun inwoners. De wijk ontstond in 1958 toen een honderdtal identieke prefab-huizen werden opgetrokken voor de bezoekers aan de Expo ’58. “Wat aanvankelijk identiek was, kreeg al snel een identiteit door haar bewoners,” aldus Broeckx. “Vandaag is dit ‘paradijs’ omsingeld door multinationals en winkelcentra die schreeuwen dat alles in het leven te koop is, ook geluk. Maar hoe koopbaar is geluk en is gewoon nog goed genoeg?”

Broeckx, die in 2012 een Wildcard kreeg van het Vlaams Audiovisueel Fonds voor zijn afstudeerfilm '30m³' aan het RITCS, zet zijn camera op en laat die draaien. Wat voor de camera gebeurt lijken alledaagse straat- en woonkamerbeelden. De inwoners maaien het gras, slaan een praatje met elkaar, parkeren hun auto. En babbelen, tegen de camera (en kijker). Over hun leven, hun momenten van geluk, wat voor hen de betekenis is van een paradijs. Met die vraag refereert Broeckx subtiel naar de Bijbelse tuin van Eden, het zogezegde Paradijs waarin Adam en Eva leefden net voor de zondeval, en dus ook naar de naam van de woonwijk aan de A12.

De statische, observerende cameravoering doet wat denken aan de trage, fotografische beelden van Fien Troch (‘Kid’), en van Christina Vandekerckhove’s ‘Rabot’. ‘Eden’ is subtiel binnenkijken in de verschillende woonkamers, keukens en tuinen. En in de mensen, die het openhartig hebben over hun leven. Het kleinmenselijke en de Vlaemsche sfeer is soms herkenbaar, soms banaal, maar ook relativerend en hier en daar ontroerend.

Eenvoudig geluk in een verstilde setting maakt van ‘Eden’ een mooie, trage televisiedocumentaire.

'Eden' is op zondag 2 augustus te zien op Canvas om 21u55, en daarna te bekijken via VRT NU.

Sarah Skoric

CUT TO: GENT

Op zaterdag 15 augustus 2020 verwelkomt Sphinx Cinema in Gent de derde editie van het kortfilmfestival CUT TO: GENT. Het festival zet dit jaar maar...
15/08/2020
Het jonge kortfilmfestival CUT TO: GENT gaat door én breidt uit!
 
Nu of nooit meer
rating

Duur: 15 min. | Land: | Regie: Marieke Widlak | Producent:

Dit of dat had ik Brechje nog willen zeggen’, zo voelt het voor mij niet.”
“Waarom heb ik dat wel dan?”
“Dat kan ik niet zeggen, schat.”

Deze woorden tussen regisseuse Marieke Widlak en haar moeder raken de kern van ‘Nu of nooit meer’, Mariekes eindexamenfilm uit 2018 aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam. In datzelfde jaar won ze er een Filmfonds Wildcard mee (een Nederlandse variant van onze VAF Wildcards), en werd ze gelauwerd op het Eindhoven Film Festival met de prijs voor Beste Debuut.

Hoewel Marieke Nederlands is, start haar film op het perron van station Blankenberge. Dat is waar zij en haar familie voor het laatst hun zus Brechje zagen, die zich in 2010 van het leven beroofde. Acht jaar later, wanneer de hevige emoties zijn bedaard, heeft Marieke nog steeds het gevoel dat ze niet goed heeft kunnen afscheid nemen.

Widlaks korte documentaire is niet alleen een zelfonderzoek, maar ook een pleidooi.
 

‘Nu of nooit meer’ draait niet om het te weinig tonen van waardering, wel over het te weinig letterlijk uitspreken ervan. Doen we dat wel genoeg? Mariekes ouders stellen haar gerust dat ze Brechje wel degelijk liefde getoond heeft, en dat zij dat zeker zal gevoeld hebben. Zelfs al was dat niet letterlijk in woorden.

Toch pleit Widlak ervoor om af en toe onze schroom opzij te zetten en te zeggen wat we voor onze dichtste naasten voelen. Al is het maar om hun reactie te zien, en dus evenveel terug te krijgen als wat je net gegeven hebt. Dat hoeft geen oratorische proporties aan te nemen, een simpele “ik zie je graag” does the trick.

In vijftien voorzichtige, breekbare minuten gunt Marieke Widlak haar kijkers een intieme inkijk in haar gezin, voor wie de camera geen verstorende aanwezigheid lijkt te zijn. Na acht jaar heeft verdriet plaats gemaakt voor vredevol gemis. De sterkte van deze, vormelijk erg eenvoudige, documentaire zit ‘m dan ook in de berustende, bijna rationele manier waarop het gezin met elkaar kan spreken over de zus die weggevallen is, en hoe ze zich nu bij voelen bij dat feit en bij elkaar.

Hoewel Widlaks persoonlijke opzet weet te raken, blijft de film qua vorm erg op de oppervlakte, waardoor je als kijker toch wat op je honger blijft zitten. Haar korte documentaire is gelukkig niet alleen een zelfonderzoek, maar ook een pleidooi. Door zichzelf kwetsbaar op te stellen, geeft Marieke Widlak een sterkte af, een uitdaging om ook af en toe jezelf te confronteren en liefde in woorden om te zetten. Want soms gebeurt het dat dat nooit meer kan.

'Nu of nooit meer' is op zondag 26 juli te zien op Canvas om 22u, en daarna te bekijken via VRT NU.

Jana Dejonghe
 
Juste moi et toi
rating

Duur: 22 min. | Land: | Regie: Sandrine Brodeur-Desrosiers | Cast: , , | Scenarist: | Producent: ,

Van het besneeuwde Montreal in Canada naar het zonnige Mexico en weer terug. Een snelle zoekopdracht via Google Maps geeft weer dat dat overeenkomt met een dikke 9000 kilometer, zo’n 88 uur rijden zonder stoppen. Dat is de afstand die je aflegt in Sandrine Brodeur-Desrosiers nieuwste kortfilm ‘Juste toi et moi’, samen met het meisje Eva en haar vader.

De afstand die de film internationaal heeft afgelegd is nog groter: de film speelde in Palm Springs ShortFest, en won in Berlijn een Kristallen Beer. Onderweg raapte hij nog een reeks andere prijzen mee, waaronder in België de Class Short Film Jury Award op Filem’on.

Hoewel er tijdens het afscheid van mama bij vertrek wat spanning in de lucht lijkt te hangen (waarom gaan we met de truck en niet met het vliegtuig?), is dat algauw vergeten wanneer Eva en haar papa goed en wel onderweg zijn. Het weer wordt warmer en zonniger, door de radio schalt dansbare popmuziek en er wordt gegrapt wanneer ze ‘Missipipi’ binnenrijden. De haren wapperend in de wind, geniet Eva van de opwindende vrijheid van het onderweg zijn. Vader geniet zichtbaar met haar mee.

De chemie zit goed: beide acteurs gaan op in hun rol en vinden plezier in het spelen met elkaar.

Langzaam maar zeker komen er echter barstjes in de onbezorgdheid. Wanneer Eva wil stoppen langs een strand kan dat slechts enkele minuutjes, en eenmaal aangekomen in Mexico blijkt hun verblijf daar maar van korte duur. Samen met Eva voelen we dat haar vader een geheim heeft, en dat zorgt voor een vertrouwensbreuk tussen de twee. Op de terugweg zijn zowel beelden, muziek als sfeer dan ook een stuk donkerder, soms zelfs bijna dreigend.

Als kijker ervaar je de hele roadtrip vanuit Eva’s standpunt, waardoor je in het ongewisse blijft over wat de agenda van haar vader is. De vragen die bij haar opkomen, blijven ook bij de kijker hangen en raken dus niet altijd opgelost. Hoe lang smokkelt hij bijvoorbeeld al mensen de grens over? Verwijten zijn er niet, eerder een voorzichtig elkaar opnieuw leren kennen. De relatie tussen het duo is duidelijk veranderd na hun roadtrip, volwassener geworden zo u wil. ‘Juste moi et toi’ is een coming-of-age roadverhaal, maar dan wel voor beide generaties.

Met prachtige landschappen en goedgekozen muziek zit de sfeer op elk moment exact zoals de regisseuse dat wil, waardoor je als kijker helemaal meegetrokken wordt in het avontuur van de twee hoofdpersonages en hun veranderende relatie. De chemie zit goed: beide acteurs gaan op in hun rol en vinden plezier in het spelen met elkaar.

Kleine hints geven het verhaal verder vorm, zoals het switchen tussen verschillende talen en verkeersborden op de achtergrond die locaties aangeven. ‘Juste toi et moi’, een titel met vele lagen, terwijl “enkel jij en ik” in de wereld vandaag een luxe is die we ons niet altijd meer kunnen veroorloven.

Jana Dejonghe
 
Entre sol y sombra
rating

Duur: 37 min. | Land: | Regie: Jason Boënne | Scenarist: | Producent: , | Productiehuis:

De wereld van het stierenvechten is er één die menig (ja, voornamelijk) man geïnspireerd heeft – van Goya, Picasso en Dalí naar Hemingway tot Pedro Almodóvar – en ook vooral “a man’s world” blijft (al voerde Almodóvar in ‘Hable con Ella’ wel een vrouwelijke “torera” op). Misschien is het Spaanse muziekfenomeen Rosalía één van de weinigen die nu nog enigszins wegkomt met de verheerlijking van de torero: in de videoclip voor ‘Malamente’ wordt de stier een vette moto en het "torear" pure dans.

Het stierengevecht is een traditie die vooral jonge Spanjaarden anno 2020 liever in het verleden laten. Volgens de Spaanse filosoof Ortega y Gasset kan je de geschiedenis van Spanje echter niet begrijpen zonder eerst een goed inzicht te hebben in die van de stierengevechten. Het pendelt dan ook al lange tijd tussen verheerlijking en verbod. Deze dynamiek wil regisseur Jason Boënne — documentaire- & televisiemaker bij human interest programma's zoals 'Iedereen Beroemd' en 'Manneken Pis' — in zijn middellange docu net vastleggen.

In plaats van zich aan een grote, ingewikkelde geschiedenis toe te wijden, richt Boënne zich op het verhaal van een jongeman wiens droom gewrongen zit tussen glorie en repuls. Het verklaart ook de titel ‘Entre sol y sombra’, of ‘Tussen zon en schaduw’. De documentaire is een productie van A Team Productions, het team achter achter succesvolle kortfilms 'Downside Up', 'Baghdad Messi' en 'Injury Time', maar ook 'Patser' en 'Torpedo'. Boënne realiseerde de film met de steun van de Wildcard van het VAF die hij won in 2009 met zijn RITCS-afstudeerwerk 'Het kleine leger van de zilveren berg'.

Het verhaal van een jongeman wiens droom gewrongen zit tussen glorie en repuls.

We leren Sergio Páez, een 16-jarige aspirant matador uit Ronda, kennen op de deuntjes van de klassieker ‘Quizás, quizás, quizás’. Al van kindsbeen af zijn het stieren die voor Sergio de klok slaan, maar zijn professionele toekomst als toreador is, door de huidige economische context en de ideologische bezwaren, erg onzeker. Met keukenhanddoeken bootste hij als jongeling de elegante bewegingen van stiervechters na; een droom die zijn ouders niet serieus namen maar aan geloofwaardigheid won met het verstrijken van de tijd, en nu zijn hele leven regisseert.

Böenne geeft ons niet enkel een inkijk in het familiale leven van Sergio maar ook in zijn voorbereiding op de belangrijkste competitie in zijn jonge carrière. We zien hem in volle concentratie en, op zijn voice-over na, altijd ietwat in zichzelf gekeerd. Ondanks dat Boënne goed werk levert in het vormen van een algemeen beeld van zijn subject, krijg je als toeschouwer nooit het gevoel Sergio helemaal te snappen.

Dit korte portret belicht echter wel met verve de tragische kant van Sergio’s droom. Een met bloed bestreken antitaurinos-activiste (die de traditie van het stiergevechten willen afschaffen) staat lijnrecht tegenover de jonge Sergio die op zijn beurt zijn métier verdedigt met het argument dat als je vlees eet, je ook moet kunnen kijken naar hoe het gedood wordt. De antitaurinos hadden gerust een nog groter aandeel mogen hebben in dit bijna veertig minuten relaas, net omdat dit de realiteit is die zich aan de torero’s opdringt. Het drijft de tragiek van Sergio’s droom nog meer op de spits, zeker nu zowel burgers als instellingen deze traditie steeds meer de rug keren.

Ook al pint ‘Entre sol y sombra’ zich soms vast aan een te clichématig beeld van Spanje en voelen bepaalde scènes soms wat te gestuurd aan, slaagt het er wel in om de toeschouwer, door de stoffige Andaloesische landschappen heen, een boeiende inkijk te geven in het leven van de jonge toreador. De documentaire zal, net zoals het stiervechten zelf, niet voor iedereen zijn weggelegd.

'Entre sol y sombra' is op zondag 19 juli te zien op Canvas om 22u, en daarna te bekijken via VRT NU.

Bo Alfaro Decreton
 
Voor Eunice
rating

Duur: 31 min. | Land: | Regie: Jaan Stevens | Producent: | Filmschool: RITCS

In ‘Voor Eunice’ geeft regisseur Jaan Stevens een rake inkijk in het dagelijkse leven van de twee zussen, Eunice en Tarma — respectievelijk zeven en negen jaar.

Op een geslaagde manier toont hij ons het belang van sociale verbondenheid in de kindertijd: als de meisjes niet bij hun moeder zijn, dan maken ze hun huiswerk in het jeugdcentrum of zijn ze aanwezig in de zwemles. We zien hen ook soms solitair — op weg naar school of in de supermarkt voor een vieruurtje — maar krijgen nooit het gevoel dat ze dat echt alleen zijn. Stevens legt namelijk niet enkel de focus op Eunice – ook al doet de titel anders vermoeden – maar op de beide zussen, en het netwerk dat hen omringt. De zusjes kunnen niet altijd met elkaar maar nog minder zonder.

‘Voor Eunice’ blinkt uit in haar vlieg-op-de-muur-aanpak. De korte documentaire legt aangrijpend de meedogenloosheid van kinderen onderling vast, zoals wanneer een klasgenoot Eunice na school uitscheldt over haar intelligentie en gewicht. Stevens toont daarnaast ook opvallende gesprekken met een enigszins problematisch karakter, zoals die tijdens het Sinterklaasfeest. De juf legt uit dat ze een experiment doen waarbij ze zwarte piet (geen roetpiet…) van kleur zullen doen veranderen. Ze vraagt de kinderen welke kleur ze willen. Eunice roept enthousiast: “Bruin!” Waarop een klasgenootje antwoordt: “Wit! Want wit is zo typisch!”

‘Voor Eunice’ blinkt uit in haar vlieg-op-de-muur-aanpak. De korte documentaire legt aangrijpend de meedogenloosheid van kinderen onderling vast.

Veel kinderen krijgen van nature een zekere schaamteloosheid met zich mee die ze jammer genoeg maar al te vaak onderweg naar de volwassenheid verliezen. Het gemak waarmee de meisjes Stevens in hun leven geïncorporeerd hebben, blijkt onder meer uit de berichten die Eunice op de voicemail van de filmmaker achterlaat. Wat overigens een zeer slimme ingreep is. Intimiteit is voor de regisseur, vorig jaar afgestudeerd aan het RITCS en winnaar van een VAF Wildcard, dan ook de ruggengraat van deze documentaire. Het kan een bron van duurzaamheid zijn want Stevens volgde zijn hoofdrolspeelsters een tijdlang, met en zonder camera.

Deze toegewijde aanpak van “longue durée” voelt als een verademing. Uiteraard mogen we niet blind zijn voor het feit dat deze jonge regisseur een witte man is die zijn camera richt op een verhaal dat niet het zijne is, en het daardoor tot op een zekere hoogte niet kan begrijpen. Belangrijker echter, volgens ons, is de duidelijke devotie onder het mom van “sharing your privilege”, waarbij Stevens ook de optie openhoudt om Eunice en Tarma in de jaren die volgen de camera te overhandigen en hen eigenhandig de afstand tussen zichzelf en hun omgeving te laten capteren.

Laten we eindigen bij hoe de film begint: de twee zussen kijken uit over de skyline van de Antwerpse Linkeroever. Ze wijzen naar wat ze kennen, wat ze willen leren kennen en waarvan ze doen alsof. De horizon is voor hen een zeer concreet, wijd gespannen projectievlak voor hun hopes and dreams. Als het hen wat mee zit, zullen ze zichzelf, turend in de oneindigheid, kunnen laten verliezen in de mogelijkheden.

Dat onze context bepaald hoe we kijken, lijkt beetje bij beetje gemeengoed te worden. Maar mag je context echter nog steeds bepalen hoe je droomt, en hoe je de weg daarheen uitstippelt? Deze korte, tedere documentaire toont ons dat onze gemeenschap er nog steeds alle baat bij heeft om deze realiteit uit te dagen, en open te trekken.

Bo Alfaro Decreton
 
"Als documentairemaker is de camera mijn schild."

Voor zijn RITCS-afstudeerfilm 'Voor Eunice' kreeg Jaan Stevens een Wildcard van het Vlaams Audiovisueel Fonds.

 

Kate Voet

 
Een redelijk leven
rating

Duur: 19 min. | Land: | Regie: Lauranne Van Den Heede | Scenarist: | Producent:

“Wel beste Marc, een film over jou wil ik zeker niet maken, een film voor jou des te liever en al zeker con amore,” schrijft Lauranne Van den Heede over haar kortfilm ‘Een redelijk leven’. Geïnspireerd op en door het leven en werk van filmmaker, journalist, docent, schrijver, Brusselaar Marc Didden maakte ze een documentaire voor/met deze regisseur, die als mijmerende passant vanop zijn balkon in de Dansaertstraat de voorbijgaande tijd gadeslaat.

Niet zomaar een portret van een oude man, maar een film die reflecteert over tijd, herinnering en de plaats die wij als mens daarbij innemen — in combinatie met archiefbeelden en fragmenten uit Diddens eigen films ‘Brussels by night’ (1983) en ‘Sailors don’t cry’ (1988).

Van den Heede’s eerste documentaire en eindwerk aan het RITCS, ‘Those we become’, vertelt het verhaal van enkele jongeren, op zoek naar een andere vorm van zingeving in de ruige natuur van Letland. In ‘Een redelijk leven’ laat de jonge regisseur de natuur achterwege en focust ze op de bruisende (hoofd)stad en de zingeving aldaar. Een tweeluik, voor wie wil.

Een ontroerend eerbetoon en een reflectie op het concept tijd.

Vanaf zijn balkon gluurt Didden naar de passanten in de Dansaertstraat, de camera volgt zijn voorbeeld. Als kijker gluren we mee, naar de laan die als “spiegel naar de ziel” en als “afbeelding van de tijd” fungeert. De korrelige, contrastrijke pellicule resoneert naar een lang-vervlogen tijd waar film zich nog materialiseerde en tastbaar maakte. In combinatie met de vele archiefbeelden is het daardoor soms moeilijk om heden van verleden te onderscheiden. ‘Een redelijk leven’ reflecteert zo over het concept van tijd, en toont ons het (on)vermogen om de nuances van deze dimensie volledig te snappen.

Jordan Vanschels cinematografie, die we al kennen sedert het straffe ‘Maregrave’, is doordrenkt van een stevige laag nostalgie, meegaand op Diddens dromerige, filosoferende voice-overstem. In samenspel met een uitstekend montageritme kabbelt de film hierdoor als water in een zachte stroming. Tijd, datgene wat Van den Heede en Didden allebei (hopeloos) trachten vast te grijpen, veruiterlijkt zich in deze korte documentaire op een eigenzinnige, poëtische manier — het essayistische werk van Chris Marker loert om de hoek.

Van den Heede’s documentaire gaat ook wel degelijk over Didden zelf, die zich kwetsbaar openstelt voor de kijker en zowel de pieken alsook dalen uit zijn leven deelt. Zo vertelt hij over hoe de harde kritiek op ‘Sailors don’t cry’ hem diep kwetste; een regisseur op retraite die een stevige stempel drukte op de Vlaamse filmgeschiedenis, maar daar nuchter op terugblikt.

Marc Didden is en blijft Marc Didden: one of a kind. Zijn nostalgisch (en melancholisch) verhaal staat lijnrecht op de snelheid van het Brusselse straatbeeld, dat zich onverbiddelijk richt naar de toekomst. Jonge passanten wandelen vluchtig doorheen de stad: met hun hond, op weg naar hun lief, op zoek naar de juiste bestemming. Een merkwaardig moment doet zich voor wanneer Didden over zijn grote liefde mijmert en we parallel een jong koppel ontmoeten, al dansend in een café; heden en verleden vlechten zich gewillig door elkaar.

Zoals Van den Heede terecht aankaart in de beschrijving van de film, schreef Marc Didden ooit: “Wij zijn allen slechts passanten. Ons verblijf hier is tijdelijk en zo is het goed.” ‘Een redelijk leven’, naar het gelijknamige boek van Didden zelf, is tegelijk een veruiterlijking van die quote, en een ontroerend eerbetoon aan haar auteur.

‘Een redelijk leven’, zondag 5 juli om 22u10 te zien op Canvas.

Matthias De Bondt
 
The Tent
rating

Duur: 17 min. | Land: | Regie: Rebecca Figenschau | Cast: , , , | Scenarist: | Producent:

So I can’t even have a social life here,” roept de jonge Maja uit wanneer haar 4G-netwerk wegvalt ergens in de Noorse bossen. Met die woorden vat ze ineens ook mooi het concept van ‘The Tent’ samen: een gezin spot een mooi kampeerplekje op hun vakantie in eigen land, maar er echt samen van genieten lukt allerminst.

Mallorca zat er dit jaar – om bij aanvang niet gekende redenen – niet in, maar gelukkig maken ze het goed met een heuse gezins-kampeertrip. Al lijkt elk gezinslid, met uitzondering van peuter Kim, van in het begin verbitterd. Al snel lopen de spanningen hoog op tussen moeder Solveig en vader Bjørnar en wordt de latente verbittering omgezet in gefrustreerde verwijten. Die gaan duidelijk over meer dan enkel het moeizame opzetten van hun tent.

De moeilijk in elkaar te steken tent staat metafoor voor hun ingewikkelde gezinsband, zo blijkt. "Emoties verdrukken is een typische Scandinavische manier van omgaan met ongemakkelijke situaties," aldus Noors filmmaakster Rebecca Figenschau in een interview met EFA. "Ik wilde kijken naar zowel de humor als de tragedie van dit fenomeen, door een situatie te creëren waarin de goede bedoelingen om een conflict te verdoezelen, als bescherming voor de kinderen, net het tegenovergestelde effect krijgt".

Die opzet is boeiend en herkenbaar, we weten allemaal wel hoe bijtend verdoken frustraties kunnen klinken en hoe spanning ook fysiek te voelen is. In ‘The Tent’ had dat allemaal nog net iets grootser opgezet (pun intented) mogen worden.

Is dat trage, realistische, niet-sensationele net niet iets typisch in Scandinavische arthouse? Ja, maar dan moet de film wel gedragen worden door een sterk verhaal, rare plotwending, een meer uitgediepte psychologisch karakter of de banaliteit net tot in het absurde doortrekken. ‘The Tent’ doet dat allemaal niet en laat heel wat kansen braafjes liggen. Als kijker blijf je wat op je honger zitten, zeker als de “shocking secret” uit de synopsis op het einde toch niet zo schokkend blijkt te zijn.

Sarah Skoric

Pagina's

Subscribe to Kortfilm.be & Kutfilm.be RSS